|
Welke
prijs spreken we af? Die vraag vergeet u als zelfstandige of als opdrachtgever
zelden te stellen voor u aan een samenwerking begint. De vraag ‘hoe beoordeelt
de fiscus die betaling’ zou u automatisch moeten meenemen. De VAR helpt u die
vraag te beantwoorden.
Een
interimmer die vijf weken ziektevervanging doet en elke dag doorbrengt in het
kantoor van zijn opdrachtgever, is die in loondienst? Een ict’er, die op zijn
zolderkamer drie keer achter elkaar een klus doet voor dezelfde opdrachtgever,
geldt die als zelfstandige?
Met
de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) kunt u de Belastingdienst vragen uw situatie
te beoordelen, voordat de werkzaamheden beginnen. En daarmee krijgt u antwoord
op de hamvraag: moet de opdrachtgever loonheffing en premie
werknemersverzekeringen betalen voor de zelfstandige die hij inhuurt?
De
VAR bestaat al langer, maar is per 1 januari 2005 vernieuwd. In dit artikel
leest u over de mogelijkheden en onmogelijkheden van de VAR.
Vier
soorten VAR
Een zelfstandige zonder
personeel (zzp'er) die een nieuwe opdracht aanneemt, doet er goed aan een VAR
aan te vragen. Wettelijk verplicht is dat overigens niet, maar een opdrachtgever
kan er wel om vragen. De opdrachtgever heeft namelijk een kopie van de
VAR-beschikking nodig om gevrijwaard te blijven van naheffingen.
Een
VAR is alleen geldig als:de werkzaamheden die erop vermeld staan, overeenkomen
met het werk dat daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Stel, u wordt ingehuurd als
thuiszorger. Maar omdat u vroeger een blauwe maandag een secretaresseopleiding
heeft gedaan, doet af en toe wat administratief werk voor diezelfde
opdrachtgever. In dat geval heeft u een tweede VAR nodig. Let op: de
werkzaamheden worden verricht in de periode dat de VAR geldig is.
Een
speciale unit van de Belastingdienst beoordeelt de aanvraag, niet uw eigen
belastinginspecteur. De fiscus kan kiezen uit vier soorten VAR: VAR loon, VAR
ROW, VAR WUO, VAR DGA. Welke criteria er vastzitten aan die verschillende
VAR’ren is bedrijfsgeheim, zegt Belastingdienst. De trefwoorden die u
hieronder vindt, zijn dan ook niet meer dan indicaties! Bijkomend probleem is
dat de fiscus en het UWV – dat in beeld komt vanwege de premie
werknemersverzekeringen – gelijke situaties soms anders inschatten. Krijgt u
een ander soort VAR dan u had verwacht, kunt u natuurlijk altijd bezwaar
aantekenen.
VAR
loon uit dienstbetrekking: Er bestaat een gezagsverhouding tussen u en de
opdrachtgever, u moet het werk zélf uitvoeren, tijdens vakantie en ziekte loopt
de betaling door.
Als de Belastingdienst een VAR loon toekent, moet de opdrachtgever loonheffing
betalen.
Om te bepalen of hij ook werknemerspremies verschuldigd is, moet de
opdrachtgever vaststellen of er sprake is van een – al dan niet fictief –
dienstverband. Begin dit jaar hebben de Belastingdienst en het UWV daarvoor
gezamenlijk criteria op een rijtje gezet, maar de beoordeling van uw situatie
blijft altijd maatwerk. Heeft u vragen over werknemersverzekeringen, kunt u
bellen met de Servicedesk UWV: 020 – 687 5151.
VAR
Resultaat uit Overige Werkzaamheden: Betaling geldt noch als loon, noch als
winst. De VAR ROW is het best vergelijkbaar met ‘het bakje overigen’. De VAR
ROW is de lastigste van het stel omdat die het minste zekerheid biedt. Als een
opdrachtnemer zich meldt met een VAR ROW, moet de opdrachtgever zelf vaststellen
of de opdrachtnemer een (fictief) dienstverband heeft. De Belastingdienst en het
UWV behouden zich het recht voor om af te wijken van die inschatting.
Om een naheffing te voorkomen, kunnen opdrachtgever en –nemer besluiten dat ze
de betaling als loon beschouwen. Wanneer u kiest voor deze zogenaamde
opting-in-regeling, moet u dat gezamenlijk melden bij het belastingkantoor van
de opdrachtgever. De opdrachtgever verplicht zich daarmee loonheffing te
betalen. Opting in geldt niet voor de premie werknemersverzekeringen. Daarover
moet u met het UWV tot een regeling komen. De Servicedesk UWV: 020 – 687 5151.
VAR
Winst Uit Onderneming: Er is geen gezagsverhouding tussen u en de
opdrachtgever, u krijgt niet doorbetaald tijdens ziekte of vakantie, u maakt
winst, u maakt reclame, u loopt ondernemersrisico, u heeft meerdere klanten e.d.
Een VAR WUO schept duidelijkheid: de opdrachtgever hoeft geen loonheffing en
geen premie werknemersverzekeringen te betalen. De opdrachtnemer is daarvoor dus
niet verzekerd en kan geen aanspraak maken op een uitkering. Mocht u de term
tegenkomen: die vrijwaring van betalingsverplichtingen noemt de Belastingdienst
‘uitgebreide rechtsgevolgen’.
VAR
Directeur Groot-Aandeelhouder: Eén volzin: de inkomsten uit werkzaamheden
zijn voor rekening en risico van uw vennootschap. Ook voor de VAR DGA geldt: de
opdrachtgever heeft de zekerheid dat hij geen loonheffing en premie
werknemersverzekeringen hoeft te betalen. De opdrachtnemer is daarvoor dus niet
verzekerd en kan geen aanspraak maken op een uitkering. Ook de VAR DGA biedt dus
die zogenaamde ‘uitgebreide rechtsgevolgen’.
Uw
positie als opdrachtgever
U
kunt geen VAR aanvragen, de opdrachtnemer moet dat doen.
Een
geldige VAR WUO of een VAR DGA geven u de zekerheid dat u geen loonheffing of
premie werknemersverzekeringen hoeft te betalen. Als de Belastingdienst –
bijvoorbeeld op basis van aanvullende informatie – een toegekende VAR WUO of
VAR DGA achteraf omzet in een VAR loon of een VAR ROW, hoeft u als opdrachtgever
niet te vrezen voor een naheffing. Tenminste
als u te goeder trouw heeft gehandeld en aan de voorwaarden (zie hieronder)
voldoet.
Een
VAR loon geeft u de zekerheid dat u loonheffing moet betalen voor de zzp'er
die u inhuurt. Voor de premie werknemersverzekeringen moet u zelf een
inschatting maken of er sprake is van een (fictief) dienstverband.
Bij
een VAR ROW moet u zelf vaststellen of er sprake is van een (fictief)
dienstverband. De fiscus en het UWV kunnen achteraf afwijken van uw conclusie.
U
bent verplicht een kopie van de VAR WUO of de VAR DGA in uw administratie
te bewaren. Ook moet u de identiteit van de zelfstandige vast stellen en een
kopie van zijn identiteitsbewijs te bewaren.
U
kunt alleen rechten ontlenen aan een geldige VAR! De criteria daarvoor
vindt u aan het begin van dit artikel.
Uw
positie als opdrachtnemer
Een
VAR aanvragen is niet verplicht, maar uw opdrachtgever kan er wel op aandringen.
Hij is verplicht een kopie van de VAR WUO of DGA te bewaren, wil hij gevrijwaard
blijven van loonheffing. Maar de opdrachtgever kan de VAR niet zelf aanvragen, u
moet dat doen.
Veranderen
uw omstandigheden – de aard van uw werkzaamheden bijvoorbeeld – meldt u dat
aan de Belastingdienst door een nieuw aanvraagformulier in te vullen.
Voor
alle VAR’ren geldt: komt de Belastingdienst – bijvoorbeeld naar aanleiding
van uw aangifte of na onderzoek van de loonadministratie van uw opdrachtgever(s)
– tot de conclusie dat u een verkeerde VAR is toegekend, kan die worden
gewijzigd. Als de fiscus oordeelt dat u bewust verkeerde informatie heeft
gegeven, kan u een boete worden opgelegd.
Verandert
uw VAR WUO of DGA in een VAR loon of VAR ROW, kan dat gevolgen hebben
voor de aftrekposten - denk aan zelfstandigen- of investeringsaftrek - op
uw jaaraangifte.
Aanvragen,
bezwaar en beroep
Op
het aanvraagformulier voor de VAR vindt u veel ja/nee-vragen, terwijl u
graag wat mitsen en maren zou toevoegen. Daar is geen ruimte voor. Kies voor het
antwoord dat het dichtste bij de waarheid komt. Maximaal acht weken na indiening
van uw aanvraag, krijgt u uw VAR. Die is één kalenderjaar geldig, alleen voor
de werkzaamheden die erop vermeld staan. Heeft u voor 1 november een opdracht
binnengehaald die na 1 januari doorloopt, dan is de VAR voor die opdracht
maximaal nog één jaar geldig. Bent u van meerdere markten thuis, dan moet u
voor alle verschillende diensten die u aanbiedt een andere VAR aanvragen.
Bent
u het niet eens met het soort VAR dat u ontvangt, dan kunt u bezwaar maken bij
de Belastingdienst. Op dat bezwaar krijgt u binnen zes weken antwoord.
Voor
meer informatie kunt u terecht bij a.p.scheltinga organisatieadvies &
managementondersteuning.
(Bron:
www.dezaak.nl,
bijgewerkt juni 2006)

|